De bende van Jan de Lichte ; De zoon van Jan de Lichte
Blauwbaardje in wonderland en andere grimmige sprookjes voor verdorven kinderen
Blauwbaardje in wonderland en andere grimmige sprookjes voor verdorven kinderen
In de reeks:
Vlaamse bibliotheek
; #22
Nederlands
2002
Volwassenen
Frivole en satirische persiflages op de sprookjes van Grimm.
Details
Onderwerp
Maatschappijkritiek,
Sekten
Persoononderwerp
Tate, Sharon
Extra onderwerp
Titel
Blauwbaardje in wonderland en andere grimmige sprookjes voor verdorven kinderen
Auteur
Louis Paul Boon
Nawoord
Kris Humbeeck
Taal
Nederlands
Uitgever
Antwerpen: Houtekiet, 2002
141 p.
141 p.
ISBN
90-5240-661-8
Besprekingen
Leeswolf
Voor Blauwbaardje in wonderland en andere grimmige sprookjes voor verdorven kinderen heeft L.P. Boon…
Voor Blauwbaardje in wonderland en andere grimmige sprookjes voor verdorven kinderen heeft L.P. Boon nog eens zijn kostuum van plezanterik aangetrokken. Voil Lowieke presenteert: de sprookjes van Grimm, gecompileerd en gepasticheerd ten behoeve van de volwassenen (verdorven kinderen dus). In zijn voorwoord lijkt Boon zich al in te dekken tegen kritiek van de ijverige moraalridders die de jaren '50 (en daarna!) sierden: "Het gaat niet in mijn hoofd opkomen al datgene te bedrijven wat sprookjeslui dag aan dag bewerkstelligen, maar ik beschrijf het graag eens."
De goegemeente zal wel niet 'gegrimlacht' hebben, eerder vol afgrijzen dit boek onder slot gehouden hebben, ver van de kinderen. In Blauwbaardje in wonderland en andere grimmige sprookjes voor verdorven kinderen serveert de duidelijk wél grimlachende Boon een ongekuiste, seksueel expliciete versie van de bekende volkssprookjes. Dat daarin weer eens een lolitanimfje alleen in het bos zich van haar kleedje ontdoet en zo wordt blootgesteld aan blikken van een 'loensende man', zal de lezer met Boon-ervaring welbekend in de oren klinken. Het is een motief dat we in de pornoparodie Mieke Maaikes obscene jeugd, maar vooral in het tragische Eros en de eenzame man terugvinden. Van tragiek of porno is hier geen sprake: alle verdraaiingen baden hier in de speelse, onschuldige toon die de echte sprookjes eigen is. Dat maakt natuurlijk deze grimmige sprookjes des te leuker. Want wie kan een glimlach onderdrukken als Blauwbaardje (Roodkapje) aambeien wil plukken? De sprookjes staan vol van dit soort woordspelingen, die overigens ook in sterke mate Mieke Maaikes obscene jeugd kenmerken.
De onvolprezen ciriticus Paul Hardy rekende de bundel destijds tot de "streng verboden lectuur" en vergeleek dit proza met dat van geesteszieken. In zijn Boon-studie toont Jos Muyres aan dat net dit werk (en andere 'perverse' boekjes) zorgden voor een opwaardering van het vroegere werk (o.a. Kapellekensbaan). De heruitgave van Blauwbaardje in wonderland en andere grimmige sprookjes voor verdorven kinderen in de reeks 'Vlaamse klassiekers' wijst terecht op de waarde van deze sprookjes zelf. [Kris Lauwerys]
De goegemeente zal wel niet 'gegrimlacht' hebben, eerder vol afgrijzen dit boek onder slot gehouden hebben, ver van de kinderen. In Blauwbaardje in wonderland en andere grimmige sprookjes voor verdorven kinderen serveert de duidelijk wél grimlachende Boon een ongekuiste, seksueel expliciete versie van de bekende volkssprookjes. Dat daarin weer eens een lolitanimfje alleen in het bos zich van haar kleedje ontdoet en zo wordt blootgesteld aan blikken van een 'loensende man', zal de lezer met Boon-ervaring welbekend in de oren klinken. Het is een motief dat we in de pornoparodie Mieke Maaikes obscene jeugd, maar vooral in het tragische Eros en de eenzame man terugvinden. Van tragiek of porno is hier geen sprake: alle verdraaiingen baden hier in de speelse, onschuldige toon die de echte sprookjes eigen is. Dat maakt natuurlijk deze grimmige sprookjes des te leuker. Want wie kan een glimlach onderdrukken als Blauwbaardje (Roodkapje) aambeien wil plukken? De sprookjes staan vol van dit soort woordspelingen, die overigens ook in sterke mate Mieke Maaikes obscene jeugd kenmerken.
De onvolprezen ciriticus Paul Hardy rekende de bundel destijds tot de "streng verboden lectuur" en vergeleek dit proza met dat van geesteszieken. In zijn Boon-studie toont Jos Muyres aan dat net dit werk (en andere 'perverse' boekjes) zorgden voor een opwaardering van het vroegere werk (o.a. Kapellekensbaan). De heruitgave van Blauwbaardje in wonderland en andere grimmige sprookjes voor verdorven kinderen in de reeks 'Vlaamse klassiekers' wijst terecht op de waarde van deze sprookjes zelf. [Kris Lauwerys]
NBD Biblion
Gerard Oevering
De serie 'De Vlaamse bibliotheek 1920-1970', onder redactie van Hugo Bousset, is bedoeld om…
De serie 'De Vlaamse bibliotheek 1920-1970', onder redactie van Hugo Bousset, is bedoeld om belangrijk werk uit de Vlaamse literatuur aan de vergetelheid te ontrukken. In 1962 werden deze 'Grimmige sprookjes' (eerste druk 1957) aangevuld met 'Blauwbaardje'. Boon (1912-1979) hekelt in deze 'vertelsels' de naar zijn mening gigantische zelfverblinding van de mensen uit de jaren vijftig en zestig. Dit boekje laat het totale palet aan mogelijkheden zien waaruit Boons schrijverschap bestond. Voor deze heruitgave schreef Boon-kenner Kris Humbeeck een informatieve uitleiding, waarin hij aandacht besteedt aan plaats en functie van deze grimmige sprookjes in Boons oeuvre. Dit deeltje is heel geschikt als introductie op Boons schrijverschap. Door omvang en kwaliteit zeer bruikbaar voor het middelbaar en hoger onderwijs. En het is een must voor de liefhebber van deze ontluisteraar van holle idealen. Mooi uitgegeven, maar helaas garenloos gebonden.